1. Besloten Hofje met Calvarie en Jacht op de Eenhoorn

Dit Besloten Hofje spreekt misschien wel het meest tot ieders verbeelding. De toestand van het Hofje illustreert dat de zusters nog lang gebruik hebben gemaakt van de kastjes en ze zelfs eigenhandig hebben gerestaureerd.

In het hofje staat maagdelijkheid centraal: niet enkel de enscenering van een ‘besloten hof’, maar ook de beeldgroepen in deze paradijselijke omgeving zinspelen op de incarnatie, maagdelijkheid en de verlossing. Centraal in dit tuintje staat een altaarstuk waarop het kruis van Christus staat opgesteld, omgeven door tien kandelaars. In het doosje dat het altaar verbeeldt, zit vermoedelijk een stuk gebeente opgeborgen als reliek van een Heilige.

Boven het kruis kijkt God neer op zijn lijdende zoon Christus, de verlosser. Links van het altaar staat Johannes de evangelist met zijn attribuut, de gifbeker, waarin twee slangen kronkelen. Achter Johannes, staat op schouderhoogte nog een klein beeldje. Dit beeldje is gemaakt uit pijpaarde, maar wie het moet voorstellen is onduidelijk. Aan de andere kant van het altaar staat Maria Magdalena. Ook zij heeft haar attribuut, een zalfpot, in de hand. De witte lelies die haar omringen duiden op haar maagdelijkheid en kuisheid.

Voor het altaar zien we een Engel die in zijn hand de lessen van een horde honden vasthoudt, een Maagd en de eenhoorn. Het lijkt onwaarschijnlijk dat een eenhoorn iets met deze religieuze scènes heeft te maken, maar niets is minder waar. Zo wordt er in het Hooglied volgende uitspraak gemaakt: ‘Mijn uitverkorene is als de zoon van de eenhoorns’ (Hooglied 2:9). De jacht op de eenhoorn is een christelijk thema dat veelvoudig voorkomt in de kunsten. De eenhoorn wordt beschouwd als een wild ontembaar dier dat moeilijk te vangen is. Pas wanneer de eenhoorn een maagd ontmoet, zal hij zijn hoorn in haar schoot leggen en haar omhelzen. Nadien valt hij in een diepe slaap, waardoor de jagers eindelijk het dier te pakken krijgen. De eenhoorn wordt geïdentificeerd als Christus die in de Maagd Maria neerdaalde en vervolgens omgebracht werd om op die manier de wereld van haar zonden te verlossen. Dit wordt bevestigd door de opschriften onderaan het Besloten Hofje. Hier wordt het volgende gesteld: ‘De eenhoorn, voor een sterke heerschappij uitgebroken uit het hemels paradijs, weer tam in de schoot van een maagd, ons aldus zuiverend van een zondig gif.’

Op deze wijze hangen de beeldengroep aan het altaar en die van de eenhoorn thematisch samen. Het verhaal van de jacht op de eenhoorn zit vol metaforen en kent een sterk seksuele connotatie. Toch gaat het hier veeleer om een verbeelde relatie dan een fysieke relatie. Het is diezelfde geestelijke eenheid of Unio Mystica van Maagd en eenhoorn waarnaar de zusters streven met hun geloof.

Rechts in de hoek van de paradijselijke tuin wordt de scène van Mozes en de brandende braamstruik verbeeld. In dit verhaal ziet Mozes een brandende struik die niet opbrandt en waarin een Engel verschijnt met een belangrijke boodschap. Dit verhaal kan wederom gelezen worden in het licht van Maria’s maagdelijkheid. Want net als de brandende braamstruik verliest Maria zelfs na de geboorte van Christus haar maagdelijkheid niet.

Tussen de Maagd met de eenhoorn en de Brandende Braamstruik staat een fontein opgesteld waaruit een boomzuil groeit met bovenaan een klein vrouwelijk figuurtje dat het wapenschild van de stad Mechelen vast heeft. Voor deze fontein staat een emmertje, de Urna Aurea. Hierin werd de Manaan, het voedsel van God dat uit de lucht viel voor de Joden tijdens de exodus, opgevangen. Links in de hoek van het Besloten Hofje zijn nog enkele figuren te zien, waaronder de krijgsheer Gédéon die luistert naar de prekende priester Aaron voor de poort van Ezechiël. Al deze beeldjes hebben een sterke link met de symboliek van de mariacultus.

De hele enscenering van het Besloten Hofje is dus doordrongen met thema’s als maagdelijkheid, incarnatie en verlossing. Dit alles wordt versterkt door een achtergrond opgebouwd uit relieken van deugdzame heiligen of heilige plaatsten, zijden bloemen, wassen zegels, medaillons met kleine tekeningen en kleine notities om dit alles te verklaren. De roosterstructuur van de paperollen (papierrollen; opgerolde stukjes perkament ingepakt in zijdestoffen en draad) zoals aanwezig bij enkele andere Besloten Hofjes is hier helaas gedeeltelijk verloren. Maar met enige verbeelding kunnen we ze nog voor de geest halen.

De paradijselijke tuin is tot slot afgesloten door een hekje waarop een Latijnse inscriptie de toeschouwer aanzet tot een deugdzaam leven: ‘Jij bent de tuin geheel zoet en overvloeiend van verscheidenen deugden, ongerept en vol bloemen en gratie.’ Dit Besloten Hofje heeft geen beschilderde luiken meer zoals enkele andere Besloten Hofjes, maar vermoedelijk waren deze oorspronkelijk wel aanwezig.
De verschillende Bijbelse scènes zijn hier niet willekeurig gekozen en worden wel vaker samengenomen. Hiervan getuigt onder andere ook de ingekleurde papier-maché zegel uit het Besloten Hofje met Sint Anna (BH6).

(tekst: Hannah Iterbeke)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s